In iedere leerling schuilt een kind

Het zou zomaar een zin kunnen zijn uitgesproken door de naamgever van onze school: Jan Amos Komensky, later bekend onder zijn Latijnse naam Comenius. Jan Amos was een veelzijdig geleerde en als kind van zijn tijd: homo universalis. Als pedagoog was hij een hervormer: hij pleitte voor aanschouwelijk onderwijs, met als uitgangspunt zintuiglijk waarnemen, passend bij de ontwikkelingsfasen van kinderen, leerlingen en studenten.

‘... de mens is niet ‘af’ bij zijn geboorte en heeft nog veel te leren. Daarbij moet de mens leren om zijn zintuigen te gebruiken en zijn eigen verstand te ontwikkelen. Want – zo zegt Comenius – er is niets in het verstand dat niet eerst in de zintuigen was.’

Zijn meest gebruikte boekje voor onderwijs is ‘Orbis sensualium Pictus’, uitgegeven in 1658 toen Comenius in Nederland woonde en werkte. Het is meer dan 200 jaar als schoolboek gebruikt. In het boekje staan 150 afbeeldingen van de wereld met tekst en genummerde verwijzing, waarmee kinderen niet alleen kunnen leren lezen, maar ook de wereld begrijpen.
 

Later vinden wij Comenius’ invloed en ideeën niet alleen terug in de beroemde schoolplaten van Van Lummel en Jetses of in de didactiek van Jan Ligthart, maar ook in verschillende uitgaven van het leesplankje waarmee velen van ons hebben leren lezen. Leren is dus meer dan alleen vakkennis. In de ‘scholen’ van het Comenius College leren wij kinderen daarom behalve gedegen kennis van de vakken ook meer over de waarden van het leven. Daarom vinden wij het fijn dat onze school genoemd is naar een van de grondleggers van aanschouwelijk en belevend onderwijs: ‘In iedere leerling schuilt een kind’.